Doorgaan naar content

Wat is de meerwaarde van kunnen rijmen voor de taalontwikkeling van kleuters en leerlingen?

Rijmen ondersteunt vooral de ontwikkeling van leesvaardigheid. Er is weinig onderzoek naar de invloed van rijmen op andere taalvaardigheden, zoals spreken, luisteren of schrijven.  

Rijmen helpt leerlingen om aandacht te krijgen voor klanken in woorden en vormt zo een onderdeel van het fonologisch bewustzijn. Voor leren lezen blijken vooral fonemisch bewustzijn (het herkennen van losse klanken) en de koppeling tussen klanken en letters belangrijk. Rijmen kan dus bijdragen aan taalontwikkeling, maar lijkt vooral waardevol als opstap naar leren lezen

Rijmen helpt leerlingen aandacht krijgen voor klanken 

Rijmen betekent dat leerlingen woorden herkennen of maken met dezelfde eindklank, zoals kat en mat. Ook woorden met dezelfde beginklank, zoals kat en kip, horen daarbij. 

De ontwikkeling van rijmvaardigheid begint vroeg. Baby’s reageren sterker op rijmende liedjes dan op niet-rijmende liedjes (Hahn et al., 2021). Kleuters herkennen rijm in bekende verhalen en liedjes vaak al op jonge leeftijd. 

Zelf rijmwoorden bedenken of bewust aangeven welke woorden rijmen, lukt meestal pas later. Tot ongeveer zes jaar groeien rijmvaardigheden sterk. Daarna vlakt die ontwikkeling af (Elen, 2004; Grofčíková & Máčajová, 2021). 

Rijmen is een onderdeel van fonologisch bewustzijn 

Rijmen maakt deel uit van het fonologisch bewustzijn. Dat is het besef dat woorden opgebouwd zijn uit klanken en klankdelen (Geudens & Schraeyen, 2023). Kinderen ontwikkelen dit bewustzijn stap voor stap. Eerst herkennen zij lettergrepen. Daarna merken zij rijm en beginklanken op. Pas later leren zij afzonderlijke klanken herkennen. 

Dat laatste noemen we fonemisch bewustzijn: het besef dat woorden uit losse klanken bestaan. Leerlingen leren bijvoorbeeld dat het woord kat bestaat uit de klanken /k/ – /a/ – /t/. 

Rijmvaardigheid ondersteunt deze ontwikkeling, maar leidt niet automatisch tot sterk fonemisch bewustzijn (Brady, 2020; Hulme et al., 2002). 

Rijmen hangt samen met latere leesvaardigheid 

Onderzoek laat zien dat rijmvaardigheid samenhangt met latere leesvaardigheid (Bradley & Bryant, 1985; Gathercole et al., 1991). Die relatie verschilt per taal. In talen waarin klanken en letters sterk overeenkomen, zoals Nederlands, speelt rijm een kleinere rol bij beginnende lezers. Leerlingen steunen dan meer op klank-letterkoppelingen. Later wordt rijmbewustzijn belangrijker. Het helpt leerlingen om woorden sneller te herkennen en beter te spellen (Wimmer et al., 1994). In talen zoals het Engels, waar de relatie tussen klanken en letters minder voorspelbaar is, lijkt rijm al vroeger belangrijk voor leren lezen. 

Fonemisch bewustzijn voorspelt leesvaardigheid sterker dan rijmen 

Hoewel rijmen samenhangt met lezen, blijkt fonemisch bewustzijn een sterkere voorspeller van leesvaardigheid (Hulme et al., 2002; Melby-Lervåg et al., 2012). Leerlingen die losse klanken herkennen en manipuleren, leren doorgaans gemakkelijker lezen. Dat geldt in verschillende talen, ook in relatief transparante talen zoals Nederlands (Ziegler et al., 2010). Voor leraren betekent dit dat rijmen zinvol is, maar best samengaat met activiteiten rond klanken herkennen en klank-letterkoppelingen. 

Er is weinig onderzoek naar andere taalvaardigheden 

Er is nauwelijks onderzoek naar de relatie tussen rijmen en taalvaardigheden zoals spreken, luisteren of schrijven. Een Nederlandse studie suggereert wel dat jonge kinderen die gevoeliger zijn voor rijm later een grotere woordenschat ontwikkelen (Hahn et al., 2021). Over andere aspecten van taalontwikkeling is nog weinig bekend. Daardoor blijft onduidelijk hoe groot de meerwaarde van rijmen is buiten leren lezen. 

Rijmen blijft belangrijk in het kleuteronderwijs 

Rijmen blijft een belangrijk onderdeel van taalontwikkeling in het kleuteronderwijs. In de minimumdoelen oefenen kleuters onder meer met rijm herkennen, rijmwoorden bedenken en woorden opdelen in klankgroepen. Die activiteiten helpen leerlingen om aandacht te krijgen voor klanken in taal. Dat ondersteunt later leren lezen en spelling. 

Meer weten?

Bronnenlijst

  • Bradley, L. & Bryant, P. E. (1985). Rhyme and Reason in Reading and Spelling. University of Michigan Press.  

  • Brady, S. A. (2020). A 2020 perspective on research findings on alphabetics (phoneme awareness and phonics): Implications for instruction (Expanded version). The Reading League Journal, 1(3), 20-28. 

  • Bryant, P., Maclean, M., & Bradley, L. (1990). Rhyme, language, and children’s reading. Applied Psycholinguistics, 11(3), 237-252. 

  • Departement Onderwijs en Vorming. (2025). Onderwijsdoelen – Basisonderwijs > Kleuteronderwijs. Geraadpleegd op 20 november 2025, van https://onderwijsdoelen.be/modernisatie-basisonderwijs?onderwijsstructuur=KO 

  • Dyslexie Centraal (2025). Meer en minder transparante talen. Geraadpleegd op 10-06-2025 van Dyslexie Centraal.  

  • Elen, R. (2004). Ontwikkeling van het fonologisch bewustzijn bij kinderen (3;0—10;0). Stem-, Spraak- en Taalpathologie, 12(1), 16-31.  

  • Gathercole, S. E., Willis, C., & Baddeley, A. D. (1991). Differentiating phonological memory and awareness of rhyme: Reading and vocabulary development in children. British Journal of Psychology, 82(3), 387-406.  

  • Geudens, A., & Schraeyen, K. (2023). Maak je meer bewust. Fonemisch bewustzijn. De Wereld van het Jonge Kind, 6, 26-30. 

  • Grofčíková, S., & Máčajová, M. (2021). Rhyming in the context of the phonological awareness of pre-school children. CEPS Journal, 11(1), 115-138. 

  • Goswami, U., & Bryant, P. (1990). Phonological skills and learning to read. Erlbaum.  

  • Goswami, U. (1990). A special link between rhyming skills and the use of orthographic analogies by beginning readers. Journal of Child Psychology and Psychiatry, 31, 301-311. 

  • Hahn, L. E., Benders, T., Fikkert, P., & Snijders, T. M. (2021). Infants' implicit rhyme perception in child songs and its relationship with vocabulary. Journal of Child Psychology and Psychiatry, 45(1), 2-40. 

  • Hulme, C., Hatcher, P. J., Nation, K., Brown, A., Adams, J., & Stuart, G. (2002). Phoneme awareness is a better predictor of early reading skill than onset-rime awareness. Journal of Experimental Child Psychology, 82(1), 2-28. 

  • Macmillan, B. M. (2002). Rhyme and reading: A critical review of the research methodology. Journal of Research in Reading, 25(1), 4-42. 

  • Melby-Lervåg, M., Lyster, S. A. H., & Hulme, C. (2012). Phonological skills and their role in learning to read: A meta-analytic review. Psychological Bulletin, 138(2), 322-352. 

  • Nation, K., & Hulme, C. (1997). Phonemic segmentation, not onset-rime segmentation, predicts early reading and spelling skills. Reading Research Quarterly, 32(2), 154-167. 

  • Sasisekaran, J., & Weber-Fox, C. (2012). Cross-sectional study of phoneme and rhyme monitoring abilities in children between 7 and 13 years. Applied Psycholinguistics, 33(2), 253-279.  

  • Schäfer, B., Wessels, S., & Fricke, S. (2014). Phonologische Bewusstheit bei 3-Jährigen – Eine Pilotstudie. Sprache · Stimme · Gehör, 39(01), 19-23.  

  • Stichting Leerpunt. (2025). Toolkit leren en lesgeven - Phonics-aanpak. https://leerpunt.be/aan-de-slag/toolkit-leren-lesgeven/phonics-aanpak 

  • Vloedgraven, J. (2009). Development of phonological awareness in relation to literacy [Proefschrift]. Radboud Universiteit. 

  • Wimmer, H., Landerl, K., & Schneider, W. (1994). The role of rhyme awareness in learning to read a regular orthography. British Journal of Developmental Psychology, 12(4), 469-484.  

  • Ziegler, J. C., Bertrand, D., Tóth, D., Csépe, V., Reis, A., Faísca, L., Saine, N., Lyytinen, H., Vaessen, A., & Blomert, L. (2010). Orthographic Depth and Its Impact on Universal Predictors of Reading: A Cross-Language Investigation. Psychological Science, 21(4), 551-559.  

Gelieve naar deze vraag te verwijzen als:

Leerpunt (2026). Wat is de meerwaarde van kunnen rijmen voor de taalontwikkeling van kleuters en leerlingen?https://leerpunt.be/vraagpunt/alle-vragen/rijmen-taalontwikkeling-kleuters